Mijn visie op dierenwelzijn

De balans tussen mens en dier is zoek. Dat klinkt groot, maar het is wat ik dagelijks zie. Dieren zijn verweven met ons leven, als huisdier, als deel van de natuur om ons heen, als onderdeel van de openbare ruimte. Maar het beleid dat daarbij hoort is versnipperd, slecht gecoördineerd en wordt lang niet overal serieus genomen.

Bij gemeenten is dierenwelzijn nog te vaak een bijzaak. Een dossier met een knuffelgehalte, iets voor wie er een warm hart voor heeft, terwijl het raakt aan veiligheid, volksgezondheid, openbare ruimte, handhaving en het sociaal domein. Illegale hondenhandel, de Aziatische hoornaar, zwerfkatten, ganzenoverlast in woonwijken, inwoners die zelf gewonde dieren gaan redden omdat ze niet weten dat ze naar een wildopvang moeten: het zijn geen losse incidenten. Het is de praktijk, elke dag.

Tegelijkertijd draait de dierenhulp in Nederland nog te veel op improvisatie. Wildopvang gebeurt soms nog bij mensen thuis of in achtertuinen, terwijl je eigenlijk per provincie een aantal grote, professionele centra nodig hebt. Dierenasielen vangen alles op wat binnenkomt, terwijl specialisatie, honden en katten gescheiden, aparte opvang voor konijnen en knaagdieren, voor vogels, voor wilde dieren, betere zorg oplevert en efficiënter werkt. De kennis en de betrokkenheid zijn er. Wat ontbreekt is structuur, financiering en erkenning.

Want dierenhulporganisaties zijn maatschappelijke partners die een publieke taak uitvoeren. Ze verdienen financiële ondersteuning vanuit rijk, provincie en gemeenten, niet als gunst maar als logisch gevolg van de rol die ze vervullen. Dierenwelzijn moet een uitgebreidere wettelijke taak worden, met duidelijke richtlijnen en een standaardaanpak die gemeenten houvast geeft en organisaties zekerheid.

Ik heb zelf dieren opgevangen en in het veld gestaan. Ik weet wat dat vraagt van mensen en heb grote bewondering voor iedereen die dat werk doet. Maar mijn bijdrage ligt ergens anders: in het versterken van wat eromheen moet kloppen. Professionele organisaties die op eigen benen staan. Gemeenten die dierenwelzijn behandelen als het volwaardige dossier dat het is, met raakvlakken door de hele organisatie. En een overheid die haar verantwoordelijkheid neemt in plaats van die af te schuiven op vrijwilligers en donateurs.

Dat is waar mijn werk elke dag over gaat. Voor gemeenten die dierenwelzijn beter willen organiseren, voor dierenhulporganisaties die meer houvast zoeken, en via de Spreekbuis Wildopvang en Dierenambulances op sectorniveau, in overleg met provincies en het ministerie van LVVN. Via DierenAdviesPunt voorzie ik zowel besturen van dierenhulporganisaties als gemeentepolitici van praktische informatie, omdat kennis de eerste stap is naar betere organisaties en beter beleid.

Want ik zie heel veel goede initiatieven in dit veld. Mensen die met hart en ziel werken aan dierenwelzijn, dag en nacht, maar waarbij de professionaliseringsslag een te zware opgave blijkt. Waar het bestuur niet stevig genoeg is, de organisatie te kwetsbaar, en uiteindelijk het dierenwelzijn in gevaar komt. Het bevestigt elke keer opnieuw wat ik geloof: een beter bestuur is een stabielere organisatie, en een stabielere organisatie is beter dierenwelzijn. Daar zet ik mijn toetsenbord voor in.

Contact